Back to Blog

Nieuwe RICS ESG-richtlijnen voor taxatie (4e editie)

Wat verandert er per 30 april 2026?

ESG hoort thuis in de taxatie, maar alleen als het significant is voor de waarde. Dat is de kern van de 4e editie van de wereldwijde RICS-richtlijn ‘ESG and sustainability in commercial property valuation’. Deze versie is uitgebracht in januari 2026 en is van kracht vanaf 30 april 2026.

Deze richtlijn is expliciet bedoeld als kader om ESG en duurzaamheid mee te nemen binnen het bestaande taxatie-ecosysteem, namelijk het RICS Red Book Global Standards en de International Valuation Standards (IVS).

Wat is er aangescherpt in de 4e editie?

  1. Strakkere scheidslijn: taxatie versus ESG-advies
    RICS zet scherper neer wat binnen de taxatie valt en wat een aparte adviesdienst is. Waarderen is iets anders dan strategisch ESG-risicoadvies of transitieplanning, en dat moet je expliciet afbakenen in opdracht en rapportage.
  2. Waarde-effect alleen met bewijs uit de markt
    ESG telt mee als het aantoonbaar doorwerkt in huur, yield, leegstand, kosten of risico, onderbouwd met marktdata. Is dat effect nog niet zichtbaar of niet meetbaar, dan moet je wel laten zien dat je het hebt meegewogen en waarom je geen aparte correctie toepast.
  3. Capex en opex duidelijker verwerken en onderbouwen
    De standaard geeft meer richting over hoe je ESG-gerelateerde investeringen en operationele lasten verwerkt in de waardering. Tegelijk legt RICS de lat hoger: kosteninput moet herleidbaar zijn en passen bij je rol, met duidelijke aannames en beperkingen.
  4. KPI’s minder ‘noemen’, meer structureren en onderbouwen
    Nieuw is een praktisch KPI-kader dat helpt om ESG-consistent te benaderen. Niet als checklist, maar als set indicatoren om waarderelevante ESG-factoren systematisch te verzamelen, te beoordelen en te rapporteren.
  5. EU-jurisdictie: koppeling met regelgeving die de markt stuurt
    Voor het eerst is er jurisdictie-specifieke guidance voor de EU, met verwijzingen naar SFDR, EU Taxonomy en EPBD. De boodschap is dat regelgeving via financierbaarheid, compliance-kosten en risico’s steeds vaker doorwerkt in waarde, ook als pricing nog niet overal uniform is.

Van richtlijn naar proces

De inhoudelijke aanscherpingen landen in de praktijk vooral in je proces. Dit zijn de vijf punten waarop je taxatiewerk in 2026 volgens de nieuwe RICS-richtlijn aantoonbaar ‘netter’ moet zijn.

  1. Scope vastleggen
    Maak in opdracht en rapportage expliciet wat je meeneemt aan ESG binnen de waardering, en wat aanvullend advies is (dus apart geoffreerd/afgesproken).
  2. Datavraag slimmer maken
    Werk met een vaste set waarderelevante ESG-vragen per assettype, in plaats van ad-hoc uitvragen per opdracht. Dat voorkomt ruis en maakt je onderbouwing consistenter.
  3. Market evidence borgen
    Leg vast waar je ESG terugziet in de markt (comparables, huurcontracten, incentives, risico-opslagen). En als dat niet kan: noteer waarom niet en welke onzekerheid dat oplevert.
  4. Kosten aannames traceerbaar maken
    Als capex/opex meespeelt: beschrijf bron, scope en beperkingen. Laat zien hoe je kosten vertaalt naar waarde, zonder te doen alsof je kostendeskundige bent.
  5. Rapportage: kort, maar verdedigbaar
    Schrijf niet meer tekst, maar betere tekst: welke ESG-factoren waren relevant, wat was het effect (of waarom niet), en waar zitten data- of marktbeperkingen.

Praktische stappen

De meest praktische stap richting 30 april is niet ‘meer ESG-tekst in je rapport’, maar beter bewijs. Breng dus per vastgoedtype in kaart welke ESG-factoren in jouw markt nu al waarde, verhuurbaarheid of risico sturen. Maak ESG-data uitvraagbaar, herhaalbaar en auditbaar (zodat je niet per taxatie opnieuw begint). En scheid waardering en strategisch advies qua scope, deliverables en aansprakelijkheid.


 

Maak een afspraak voor een demo van Blue Module